Menu
Analyseer een zaak

Analyseer een rechtszaak op preventieve lessen

Zuyd Hogeschool

Preventive Law Lab

Terug naar overzicht
ECLI:NL:RBAMS:2024:1800

Advocaat gebruikte derdengeldenrekening als voorschot op eigen kantoor

21 september 20260 weergaven4 lessen

AI-gegenereerde analyse|Niet geverifieerd door onze redactie

Samenvatting

Een 67-jarige man is veroordeeld tot 3 maanden voorwaardelijke gevangenisstraf en 120 uur taakstraf omdat hij tweemaal gelden verduisterde waarover hij uit hoofde van zijn beroep de beschikking had gekregen.

Wat betekent dit preventief?

De rechtbank veroordeelt de advocaat voor tweemaal verduistering uit hoofde van zijn beroep en voor bedrieglijke bankbreuk. Hij krijgt een voorwaardelijke gevangenisstraf van drie maanden, een taakstraf van 120 uur en moet 500.000 euro schadevergoeding betalen aan de holding van de beoogde toetreder. Van oplichting spreekt de rechtbank hem vrij, omdat de toetreder wist dat het kantoor in financiële problemen zat. Het preventieve zwaartepunt zit in de constructie eromheen: de 550.000 euro werd op de derdengeldenrekening gestort als voorschot op een toetreding die nog niet rond was, terwijl het kantoor eind 2013 al ruim een miljoen verlies leed en de curator later oordeelde dat het faillissement vanaf oktober 2013 onafwendbaar was. Terugdraaien kon achteraf niet meer, want het geld was op.

Educatieve waarde

Wat leert deze uitspraak?

1

Zien hoe een goedbedoelde parkeerconstructie op de derdengeldenrekening van de wederpartij feitelijk hetzelfde uitpakt als betalen aan de wederpartij zelf, en welke alternatieven daar onafhankelijk van staan.

2

Herkennen welke financiële signalen bij een beoogd samenwerkingsverband om een echte due diligence vragen in plaats van om vertrouwen in een Letter of Intent.

3

Doorleven op welk moment een bestuurder van een verlieslatende onderneming juridisch verplicht wordt van 'redden' naar 'stilleggen' te schakelen, en welke handelingen tussen die twee momenten strafbaar worden.

Doelgroep

Advocaten en andere professionals die overwegen toe te treden tot een maatschap of samenwerkingsverband, en hun adviseurs die de instapstructuur vormgeven

Vergelijkbare zaken

Toetredingen tot maatschappen, partnerships en LLP's waarbij vooruitlopend op de definitieve overeenkomst al kapitaal wordt ingebracht; situaties waarin een bestuurder van een noodlijdende vennootschap doorgaat met selectieve betalingen aan crediteuren; verduistering door beheerders van derdengelden of vergelijkbare vertrouwensrekeningen.

Analyse

Preventieve lessen

Wat ging er mis en hoe had het voorkomen kunnen worden?

CONTRACTUEEL

Parkeer voorschotten niet bij de wederpartij zelf

Wat ging er mis

De beoogde toetreder maakte 550.000 euro in drie termijnen over naar de derdengeldenrekening van het advocatenkantoor, op basis van een Letter of Intent die nog geen definitieve toetreding regelde.

Preventieve aanpak

De toetreder zag de derdengeldenrekening als een veilige plek voor zijn inleg, en dat was op initiatief van de bestuurder van het kantoor zo geregeld. Juridisch klopt het dat het geld eigendom van de holding bleef zolang de admittance agreement er niet was. Feitelijk zat het geld op een rekening die werd bestuurd door precies de partij die er belang bij had het te gebruiken, en dat gebeurde ook: 157.000 euro naar een cliëntlening, 202.000 euro naar kantoorkosten, 100.000 euro naar de kantoorrekening, 41.000 euro privé. Wie een substantieel voorschot betaalt vooruitlopend op een deal die nog niet rond is, moet dat bedrag stallen bij een derde die geen belang heeft bij het geld: een notaris met een escrow, een aparte rekening onder gezamenlijk beheer, of een bankgarantie. De naam 'derdengeldenrekening' klinkt geruststellend, maar biedt geen bescherming tegen de bestuurder van die stichting zelf.

Onderbouwing

Onder 'Goed van een ander' overweegt de rechtbank dat de gelden namens de holding waren overgemaakt op grond van de LOI en in afwachting van de admittance agreement, en dat de stortingen 'een zekerheid voor [bedrijf 1] en verdachte' creëerden dat de bedragen uiteindelijk beschikbaar zouden zijn. Daarmee lag het geld feitelijk binnen bereik van de bestuurder van de stichting derdengelden.

DUE DILIGENCE

Onderzoek de boeken vóór je instapt bij een maatschap

Wat ging er mis

De toetreder wist volgens de rechtbank dat er binnen het kantoor financiële problemen speelden, en droeg toch 550.000 euro over zonder de admittance agreement af te wachten.

Preventieve aanpak

De vrijspraak van oplichting rust op de vaststelling dat de toetreder wist dat het kantoor in problemen zat. Dat is voor het strafrecht van belang, maar het is voor een instappende partner minstens zo veelzeggend: als je wéét dat het kantoor krap zit en je stort tóch een half miljoen als voorschot, dan is de kans reëel dat je geld direct in gaten wordt gestopt. En dat gebeurde: eind 2013 had het kantoor een verlies van ruim een miljoen, een huurachterstand van 300.000 euro en een aangekondigd kort geding van de verhuurder. Wie toetreedt tot een maatschap doet een due diligence op de jaarcijfers, de lopende verplichtingen, de debiteurenpositie en de rekening-courantverhoudingen tussen de gelieerde vennootschappen. De omvang van het verlies en de huurachterstand waren geen verborgen informatie: ze stonden in de administratie. Wie ze niet opvraagt, of ze opvraagt maar toch stort, koopt zich in bij een sinkend schip.

Onderbouwing

Onder de vrijspraak van oplichting overweegt de rechtbank: 'Daarbij speelt mee dat uit het dossier volgt dat [benadeelde partij] op de hoogte was van het feit dat er binnen [bedrijf 1] financiële problemen waren.' De cijfers over verlies, huurachterstand en rekening-courant komen terug bij feit 4.

PROCESSUEEL

Vraag surseance of eigen faillissement aan zodra herstel onrealistisch is

Wat ging er mis

De bestuurder betaalde in januari en juli 2014 in totaal 102.000 euro aan één schuldeiser via een deurwaarder, terwijl volgens de curator vanaf oktober 2013 het faillissement onafwendbaar was.

Preventieve aanpak

De bestuurder verklaarde dat hij het vertrouwen had dat het kantoor het zou redden. De rechtbank rekent hem voor waarom dat vertrouwen op zijn minst onvoorzichtig was: verlies van ruim een miljoen in 2013, rekening-courantkrediet van 1,5 miljoen bij de bank, huurachterstand van 300.000 euro met een kort geding op de agenda, en een vordering op de zustervennootschap die was opgelopen tot 841.000 euro. Op zo'n moment is doorbetalen aan een deurwaarder van één specifieke schuldeiser strafbaar: de andere schuldeisers zijn dan benadeeld. Wie in die situatie zit heeft twee legale routes: surseance van betaling aanvragen, of het eigen faillissement. Beide leggen de betalingen stil en zetten een curator of bewindvoerder aan het roer die iedereen gelijk behandelt. Doorploeteren met de hoop dat het goedkomt is de duurste optie, ook voor de bestuurder zelf.

Citaat uit uitspraakletterlijk

"Uit het dossier blijkt dat het in januari 2014 en dus ten tijde van de eerste betaling duidelijk was dat het faillissement niet kon worden voorkomen. Bij een gegronde aanvraag zou een faillissement op dat moment immers onvermijdbaar zijn geweest. (...) De financiële situatie van [bedrijf 1] was op dat moment zodanig dat het niet realistisch was om te denken dat de rechtspersoon zou kunnen blijven voortbestaan."
FEITELIJK

Scheid privé en zakelijk, zeker als het kantoor krap zit

Wat ging er mis

De bestuurder nam in 2014 ruim 100.000 euro contant op met creditcards van het kantoor voor privédoeleinden, zonder dit in de administratie te verantwoorden.

Preventieve aanpak

De opnames met kantoor-creditcards, 29.268 euro via Amex en 75.210 euro via Mastercard, kwamen aan het licht doordat ze niet in de administratie te verantwoorden waren. Precies dat gebrek aan boekhoudkundige onderbouwing maakt van een privéopname een onttrekking aan de boedel. Voor een bestuurder van een kantoor dat op omvallen staat is de verleiding om zakelijke faciliteiten privé te gebruiken groot: het geld is er nog, de kaart werkt nog, en morgen is er misschien niks meer. Juist daarom is de scheidslijn hier hard. Een curator die na een faillissement de bankafschriften naast de administratie legt, ziet elke onverklaarde opname direct. Een bestuurder die zichzelf in zo'n situatie iets wil uitkeren, moet dat als loon of als rekening-courantopname vastleggen én binnen de grenzen van wat de vennootschap zich kan permitteren. Alles daarbuiten wordt achteraf strafrechtelijk beoordeeld.

Citaat uit uitspraakletterlijk

"Uit het dossier blijkt dat in 2014 contant geld is opgenomen met creditcards op naam van verdachte waarvan de uitgaven betaald werden vanaf de bankrekening van de LLP. (...) Hiermee heeft verdachte goederen uit de boedel onttrokken van de rechtspersoon die daarna failliet is verklaard."

Deze zaak aanbevelen?

Vindt u dat deze zaak op de homepage thuishoort? Laat het ons weten.

Zelf analyseren

Analyseer een andere rechtszaak

Voer een ECLI-nummer in om een nieuwe preventieve analyse te starten

Analyseer een zaak

Start een nieuwe preventieve analyse van een rechtszaak